Onderzoekt de Schriften!

‘Onderzoekt de Schriften; want gij meent in dezelve het eeuwige leven te hebben;
En die zijn het, die van Mij getuigen.”
Johannes 5:39

Het winterwerk gaat weer van start. Catechisaties, zondagsschool, verenigingen en clubs, ze bieden elk op hun
eigen niveau en wijze de mogelijkheid om onderwijs te ontvangen in het Woord van God en de leer die naar de
Godzaligheid is. Heel wat jongeren en ouderen maken van de gelegenheid gebruik om meer inzicht in de Schriften te krijgen. Er zijn echter ook anderen, die het winterwerk als iets vrijblijvends zien, waar je aan mee kunt doen als je er zin in hebt. Wanneer we ons bedenken hoe bevoorrecht we ten opzichte van bijvoorbeeld mensen in Spanje of Cuba zijn, zullen we niet zo vrijblijvend kunnen denken over het lezen in de Bijbel. De woorden die Christus Zelf in Johannes 5 spreekt, klinken trouwens ook in het geheel niet vrijblijvend. Onderzoekt de Schriften! Dat is het bevel dat aan het adres van het oude bondsvolk klinkt. Graaf in dat Woord. Zoek de zin ervan te verstaan. Waarom? Niet om verstandelijke kennis te vergaren, maar omdat er iets heel bijzonders aan de hand is met dat Woord van God. Het zijn deze Schriften die van Mij getuigen, zegt Christus. Niet alleen het Nieuwe Testament, dat op dat moment nog geschreven moest worden. Maar ook het Oude Testament is vol van Hem, Die de Vader zou zenden tot verzoening van de zonde. Wie daarom als zondaar leert vragen: `Is er nog een middel om de welverdiende straf te ontgaan?” , kan op die vraag slechts het antwoord vinden in de Schriften. Die zijn het, die van de Middelaar Gods en der mensen getuigen. Zo bezien is onze tekst in de eerste plaats een aansporend woord voor wie mocht denken dat hij of zij de
Schriften geen voorrang hoeft te geven in het invullen van de genadetijd. Maar er is meer te leren in Johannes 5. Jezus is hier in gesprek met de Joden. Hij openbaart Zichzelf als Zoon van God. Die één is met de Vader, Jezus is niet zomaar een profeet, maar Hij is de Beloofde. Dat getuigenis dat Christus van Zichzelf geeft, wordt ondersteund door andere getuigenissen. De Zaligmaker noemt in dit verband onder mee Johannes de Doper, die Hem immers aanwees als het Lam Gods, Dat de zonden der wereld wegneemt. Ook wordt God de Vader genoemd als Getuige bij uitstek. Was Hij het niet, Die sprak: `Deze is Mijn geliefde Zoon” En dan noemt de Heere Jezus als getuige van Zijn Persoon en werk ook de Schriften. Onderzoekt de Schriften, want die zijn het die van Mij getuigen.
Maar, zou iemand kunnen vragen: hebben de Joden die aansporing wel nodig? De orthodoxe Joden, ook uit Jezus
dagen, staan toch bekend om hun nauwgezet lezen en onderzoeken van de Wet en de profeten? Inderdaad. Men zou
het woord onderzoekt in onze tekst dan ook zó kunnen lezen, dat het geen aansporing is, maar een constatering:” …gij onderzoekt de Schriften….en gij meent in dezelve het eeuwige leven te vinden” Maar horen we wat er dan gebeurt? Dan krijgt deze tekst een waarschuwende klank. Want Jezus getuigenis krijgt van allerlei zijde ondersteuning van het getuigenis van anderen. De Doper, de Vader Zelf, de Schriften…. Maar men kan al die getuigenissen ook in de wind slaan. Een mens kan zelfs dag en nacht bezig zijn met het onderzoeken van de
Schriften, zonder te beseffen over Wie het eigenlijk gaat. Zonder te komen tot persoonlijke kennis van de Zaligmaker. En dan kun je wel menen het eeuwige leven te vinden door het vele lezen en bestuderen van de Bijbel, maar dat op zich maakt niet zalig! Het gaat erom: heb ik de Heere Jezus ontdekt in de Schrift? Heb ik als arme zondaar oog gekregen voor Zijn Persoon en Zijn borgwerk? Dat gebeurt slechts waar het lezen van de Schriften onder leiding van de Heilige Geest plaatsvindt. Het is niet voor niets dat Paulus later zou schrijven dat de letter doodt
en de Geest levend maakt. Het louter bestuderen van letters maakt een mens misschien knap en Bijbelvast, maar alleen de Geest kan het onderzoeken van het Woord zo zegenen, dat ik het Woord, het vleesgeworden Woord ontmoet en omhels in geloof. Zo krijgen we allemaal onderwijs mee, aan het begin van dit winterseizoen. Onderwijs van de hoogste Profeet, Die zegt: Onderzoekt de Schriften. Maar onderzoek ze zo, dat het om Mij gaat. Die zijn het die van Mij getuigen. Laat dan ons gebed zijn: ´Och, schonkt Gij mij de hulp van Uwen Geest….mocht Die mij op mijn paan ten Leidsman strekken.`
ds. A. van der Zwan